Deze website maakt gebruik van cookies.

Arbeidsrecht: wijzigingen per 1 januari 2012

26-01-2012 | Bron: VNPF

Het is weer de eerste maand van een nieuw jaar en zoals altijd zijn er op het vlak van het arbeidsrecht een aantal wijzigingen doorgevoerd. Een overzicht van de voor werkgevers in de praktijk meest relevante wijzigingen:

• Langdurig zieke werknemers hebben per 1 januari 2012 recht op hetzelfde aantal vakantiedagen als werknemers die niet ziek zijn. Dit is een verschil met de eerdere regelgeving, want toen bouwde langdurig zieke werknemers alleen over de laatste zes maanden van de ziekte vakantiedagen op.
• Voor alle werknemers geldt per 1 januari dat zij hun wettelijke vakantiedagen binnen anderhalf jaar moeten opnemen. Dit betekent dat alle in 2012 opgebouwde wettelijke vakantiedagen uiterlijk voor 1 juli 2013 opgenomen moeten worden. Een precieze uitleg van deze nieuwe regeling is terug te vinden in het nieuwsbrief artikel ‘Nieuwe vakantiewetgeving’.
• Bij de aanvraag van een zwangerschapsuitkering voor een zwangere medewerkster hoeft geen zwangerschapsverklaring meer aan het UWV gestuurd te worden. De zwangerschapsverklaring dient wel door de werkneemster overlegd te worden aan de werkgever, maar kan gewoon in de administratie bewaard worden.
• De tijdelijke regeling voor een vierde contract voor bepaalde tijd voor werknemers tot 27 jaar is per 1 januari 2012 geëindigd.

Dan nog een wijziging die op 1 maart a.s. ingaat. Vanaf die datum zal gaan gelden dat in geval van een reorganisatie alle ontslagen worden meegeteld om vast te stellen of er sprake is van een collectief ontslag. Van een collectief ontslag in de zin van de Wet Melding Collectief Ontslag is sprake als binnen een periode van 3 maanden binnen een werkgebied van het UWV 20 werknemers of meer ontslagen worden. Voorheen werden alleen de ontslagen via UWV Werkbedrijf en de kantonrechter bij elkaar opgeteld, waardoor werkgevers aan de regelgeving van de WMCO konden ontkomen door via een beëindigingsovereenkomst afscheid te nemen van (een gedeelte van de) werknemers. Vanaf 1 maart a.s. tellen ook alle ontslagen die middels een beëindigingovereenkomst worden gerealiseerd mee voor dit aantal van 20 en zal dus sneller sprake zijn van een collectief ontslag in de zin van de WMCO.

Nieuwe vakantiewetgeving

Tot 1 januari jl. konden werknemers hun vakantiedagen 5 jaar ‘opsparen’. Dit is per 1 januari 2012 veranderd. Voortaan dienen werknemers hun wettelijke vakantiedagen binnen anderhalf jaar op te nemen. Dit betekent dat alle in 2012 opgebouwde wettelijke vakantiedagen uiterlijk voor 1 juli 2013 opgenomen moeten worden.

Wettelijke vakantiedagen zijn de dagen waarop een werknemer recht heeft op grond van de wet. Voor een werknemer die 40 uur werkt is dat 20 dagen oftewel 160 uur. Extra vakantiedagen, de zogenoemde bovenwettelijke vakantiedagen, vallen buiten de nieuwe regeling. De nieuwe termijn van anderhalf jaar is een zogenoemde vervaltermijn, dat betekent dat de dagen automatisch vervallen als zij niet voor 1 juli van het jaar dat volgt op het jaar waarin de dagen zijn opgebouwd, zijn opgenomen. Er is één uitzondering: voor werknemers die redelijkerwijs niet in staat zijn geweest om vakantie op te nemen, geldt de termijn niet. Denk hierbij vooral aan de situaties waarin de werknemer door toedoen van de werkgever zijn dagen niet heeft op kunnen nemen.

Van de nieuwe regeling mogen afwijkende afspraken gemaakt worden, maar alleen wanneer de termijn verlengd wordt. Verkorten kan niet. voor de bovenwettelijke vakantiedagen blijft de oude termijn van vijf jaar gelden. De termijn van 5 jaar is een verjaringstermijn, wat betekent dat de termijn gestuit kan worden door de werknemer om zo te voorkomen dat de dagen niet langer opgenomen kunnen worden. De nieuwe termijn voor de wettelijke vakantiedagen is een vervaltermijn. Een vervaltermijn kan niet gestuit worden, waardoor de vakantiedagen in beginsel automatisch vervallen als de termijn verstreken is.

Voorlopig zal goed gekeken moeten worden naar de dagen opgebouwd voor 1 januari 2012 en de dagen na 1 januari 2012. Voor alle dagen opgebouwd voor 1 januari 2012 geldt de oude regeling en dus een verjaringstermijn van vijf jaar. De eerstkomende jaren zullen de twee vakantiedagenregimes dus nog naast elkaar bestaan en dient goed opgelet te worden welke dagen worden afgeschreven. Voorheen gold namelijk op basis van jurisprudentie dat de oudste dagen als eerste werden opgemaakt, maar met de nieuwe vakantiewetgeving is dat achterhaald. Tijdens de behandeling van de nieuwe wetgeving is aangegeven dat werknemers zelf moeten aangeven welke dagen zij als eerste willen laten afschrijven van hun tegoed, maar dit lijkt weer in strijd te zijn met de beschermingsgedachte dat werknemers niet zonder dat zij het doorhebben geconfronteerd kunnen worden met vervallen vakantiedagen. Hier zal nog wel het nodige over gezegd worden de komende jaren. Voor nu wordt daarom aangeraden om als vakantie wordt opgenomen, eerst de wettelijke vakantiedagen die in het betreffende jaar zijn opgebouwd af te schrijven, om vervolgens af te schrijven op de oudste wettelijke en de bovenwettelijke vakantiedagen.

Deze nieuwe vakantiewetgeving geldt ook voor zieke werknemers, in die zin dat langdurig zieke werknemers ook geconfronteerd kunnen worden met verval van vakantiedagen. Zieke werknemers moeten daardoor ook vakantiedagen opnemen op het moment dat zij op vakantie gaan en hierbij geldt dan wel ook de regel dat als zij niet in staat zijn om vakantie op te nemen dat de vakantiedagen dan ook niet kunnen vervallen.

Om ophoping van vakantiedagen te voorkomen zijn er vakantieregelingen vast te stellen. Hiervoor gelden voorwaarden, zoals op het punt van tot stand komen van een dergelijke regeling. Let er ook op, dat de nieuwe wetgeving invloed kan hebben op een eventuele bestaande vakantieregeling.