Bron

ORnet.nl, Arbopodium.nl.

Overzicht wetswijzigingen voor arbo: dit verandert er in 2026

26 februari 2026

Ook in 2026 verandert er weer het nodige in de wet- en regelgeving rond arbeidsomstandigheden. Hieronder vind je de belangrijkste wijzigingen op een rij.

Het gaat onder meer om medezeggenschap, de preventiemedewerker, duurzaamheidsrapportages (CSRD), hybride werken, het (nog niet ingevoerde) recht op onbereikbaarheid en de meld- en vergewisplicht bij arbeidsongevallen voor uitleners.

Medezeggenschap en arbobeleid

Medezeggenschap is een fundament onder effectief arbobeleid. Op basis van Europese regels moeten werkgevers daarom regelmatig overleg voeren met werknemers (of hun vertegenwoordigers). Ook moet de Arbeidsinspectie toezicht kunnen houden op de naleving van deze overlegverplichtingen.

Arbowet aangepast

De Nederlandse invulling van dit overleg sloot niet goed aan op de Europese eisen. Daarom is de Arbowet sinds 1 januari 2026 op dit punt aangepast. Het ontbreken van overleg geldt nu als een overtreding van artikel 12 van de Arbowet. Daarmee kan de Arbeidsinspectie voortaan handhaven op naleving van de overlegverplichtingen.
De aanscherping betekent ook dat werkgevers de medezeggenschap concreter en vaker moeten betrekken bij besluiten over arbeidsomstandigheden. De ondernemingsraad moet voortaan worden geraadpleegd over alle maatregelen die van wezenlijk belang zijn voor veiligheid en gezondheid.

Raadpleging over arbomaatregelen

Bij maatregelen waarbij de ondernemingsraad in elk geval betrokken moet worden, kun je denken aan:
  • de aanwijzing van bedrijfshulpverleners (BHV’ers)
  • de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E)
  • de inzet van deskundigen, zoals de preventiemedewerker, de arbodienst/bedrijfsarts en andere arbo(ker)n­deskundigen
  • de keuze voor een arbodienst: welke dienstverlening wordt ingekocht, met welke kwaliteitseisen en met welke bereikbaarheid?
Voor deze onderwerpen heeft de ondernemingsraad instemmingsrecht (artikel 27 WOR). Door de aangescherpte Arbowet kan de ondernemingsraad daarnaast expliciet voorstellen indienen die over arbobeleid gaan. Daardoor kan arbo ook proactief op de agenda worden gezet.

Hogere eisen aan preventiemedewerkers

Volgens Europese regels moeten bedrijven ‘deskundige werknemers’ aanwijzen die de werkgever ondersteunen bij het arbobeleid. In Nederland is dat geregeld in artikel 13 van de Arbowet. In de praktijk gaat het meestal om preventiemedewerkers. Zij ondersteunen en adviseren zowel werkgever als ondernemingsraad over gezond en veilig werken.
In de praktijk blijkt echter dat preventiemedewerkers regelmatig onvoldoende zijn toegerust voor hun rol. Daarom komt de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) met een basiseis voor deskundigheid. Preventiemedewerkers moeten straks beschikken over een opleiding van ten minste mbo-niveau, zoals een erkende opleiding Middelbare Veiligheidskunde of Middelbare Arbeidshygiënist.
Omdat de ondernemingsraad instemmingsrecht heeft bij het aanwijzen van de preventiemedewerker, kan hij ook expliciet toezien op de deskundigheid van de kandidaat. Als die onvoldoende is, kan de ondernemingsraad instemming weigeren.

Deskundigheidsniveau

Het verplichte mbo-niveau wordt het minimum. Afhankelijk van de risico’s in de organisatie kunnen hogere eisen nodig zijn. Bij het bepalen van het vereiste niveau kan de ondernemingsraad de bestuurder vragen om een onderbouwd voorstel, gebaseerd op de RI&E en de aard en zwaarte van de aanwezige risico’s.
Er zijn ook handreikingen om dit niveau in te schatten, zoals de Handreiking arbomaatregelen Preventiemedewerker (SER 2020). Daarin staan richtlijnen voor zowel het benodigde deskundigheidsniveau als het gewenste aantal preventiemedewerkers.
Opvallend is dat ongeveer 1 op de 6 ondernemingsraadplichtige bedrijven nog geen preventiemedewerker heeft aangesteld. In zulke situaties kan de ondernemingsraad een klacht indienen bij de Arbeidsinspectie.
Klik hier om het hele artikel te lezen