Deze website maakt gebruik van cookies.

Zes vragen aan Steffi Blonk

03-03-2021 | Bron: VNPF

Steffi Blonk, programmeur bij Effenaar, beantwoordt deze week onze zes vragen. Waar is zij in haar werk het meest trots op? En wat heeft ze geleerd van het afgelopen COVID-jaar?

Wie ben je?
Steffi Blonk, 33 jaar oud, ik woon in Nijmegen en werk bij Effenaar in Eindhoven.
Samen met twee collega’s vorm ik het programmateam en bieden we ‘Eindhoven Rock City’ een gevarieerd programma aan.
Waar ik mij veelal focus op het hiphop programma, de roots/americana shows en de nieuwe indie bandjes die we meestal op externe locaties boeken. Verder houd ik mij ook bezig met het jaarlijkse muziekfestival dat tijdens Dutch Design Week plaatsvindt. Vanaf mijn studententijd werk ik in de culturele sector en kwam ik op verschillende plekken terecht. Van biertjes tappen bij Roepaen in Ottersum naar stages bij Bibelot en Festival Mundial, tot ik in 2011 mijn eerste betaalde baan als programmeur kreeg. In mijn vrije tijd speel ik graag floorball, heb ik mij door mijn vriendin laten overhalen om te starten met boksen (ik weet nog niet of ik het echt leuk vind), sta ik uren in de keuken en smul ik van programma’s als Ik Vetrek en Een Huis Vol.

Wat was je eerste live concert / festival?
Even een hulplijn inschakelen hoor, geen idee waar mijn ouders me vroeger allemaal mee naartoe gesleept hebben. Ik belde met mijn moeder en het bleek iets minder indrukwekkend dan gehoopt, namelijk de kinder (muziek) voorstelling van VOF De Kunst. Of een voorstelling van Jozef van den Berg, de man en poppenspeler die nu ergens in een schuurtje woont als kluizenaar. Enfin, mijn eerste ‘echte’ concert/festival was Pinkpop 2006. Ik ging samen met vriendin Milou 3 dagen kamperen in Landgraaf. Daar werd ik verliefd op The Back Room van Editors en zag The Bloodhound Gang allerlei gore dingen doen op het podium. En ja, ik heb ook dat roze hoedje op gehad.

Waar ben je in je werk het meeste trots op?
De dingen die mij het meest trots maken zijn vaak avonden of projecten die ik in samenwerking maak met organisatoren uit de stad. Het zijn meestal projecten die een specifieke doelgroep hebben, een groep mensen die ik anders niet zo gemakkelijk in Effenaar ontvang. Dus een groep mensen die echt op zoek zijn naar een fijne plek die wij dan voor ze kunnen creëren. Het zijn ook vaak avonden die in de juiste context geplaatst moeten worden, dus daarom programmeer ik ook regelmatig buiten Effenaar. Tijdens de week van Dutch Design Week werk ik ook erg graag op basis van hosting, want er lopen zo veel creatieve mensen rond met interessante ideeën dat ik die graag een plek geef binnen de programmering. Hier ontstaan toch wel vaak memorabele avonden. Plus; als programmeur moet je van zoveel (sub)genres en hun doelgroepen kennis hebben dat het bijna niet in je eentje te bolwerken is. 

Wat zou je geworden zijn als je dit werk niet had gedaan?
Dan zou ik waarschijnlijk ergens in de horeca werken, liefst in de keuken, dat heb ik ook sterk overwogen toen ik een periode even geen werk had. Ik ben opgegroeid in een gezin met beide ouders die graag koken en dat hebben ze ook wel overgedragen. Of ik zou in de (ouderen)zorg werken. In ieder geval een beroep met een sociale inslag waar ik andere mensen blij kan maken en kan helpen.

Wat heb je geleerd van de afgelopen COVID-19-tijd?
Ik denk hetzelfde als heel veel mensen, dat wat gas terugnemen heel prettig is zo nu en dan. Weer even om je heen kijken en beseffen dat alles eigenlijk hartstikke mooi is en dat je leven al heel rijk is. Dat je veel dingen voor lief neemt terwijl het heel erg luxe is. Dat je bijvoorbeeld niet per se op het vliegtuig hoeft te stappen om een vakantiegevoel te hebben. Maar ook dat ik gezegend ben met een baan die me zekerheid geeft, want die luxe hebben heel veel mensen niet op dit moment.

Guilty pleasures bestaan volgens ons niet. Maar, voor welke ‘onverwachte muziek’ mag je ’s nachts worden wakker gemaakt?
Nou, ik vind Daydream van Mariah Carey dus echt een knaller. Ik kreeg de cd toen ik jong was voor mijn verjaardag en bracht ‘m mee naar school om te laten zien in het kringgesprek, maar had alleen wat moeite om haar naam goed uit te spreken. Ik luister ‘m nog steeds en ben inmiddels ook haar autobiografie aan het lezen. Verder ben ik dol op Wham en George Michael, mede doordat hij zo veel meer was dan alleen een heel getalenteerde zanger/muzikant.

Meer antwoorden op onze zes vragen vind je hier