Eerste Kamer
Eerste Kamer stemt in met rechtsvermoeden voor zzp’ers met laag uurtarief
17 juni 2026
De Eerste Kamer heeft dinsdag ingestemd met het wetsvoorstel dat een rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst introduceert bij een laag uurtarief.
De maatregel is bedoeld om laagbetaalde zzp’ers beter te beschermen tegen schijnzelfstandigheid. Wanneer een werkende minder dan 38 euro per uur verdient, kan diegene straks een beroep doen op het rechtsvermoeden van werknemerschap. In dat geval wordt ervan uitgegaan dat sprake is van een arbeidsovereenkomst, tenzij de opdrachtgever kan aantonen dat de werkende daadwerkelijk als zelfstandige werkt.
Wat betekent het rechtsvermoeden?
Het rechtsvermoeden betekent dus niet dat zzp’ers niet meer onder dit tarief mogen werken. Wel wordt het voor werkenden met een laag tarief makkelijker om hun rechtspositie op te eisen bij de opdrachtgever of, indien nodig, bij de rechter. Als de opdrachtgever niet kan aantonen dat er geen sprake is van een arbeidsovereenkomst, kan de werkende aanspraak maken op de bescherming die hoort bij loondienst, zoals loondoorbetaling bij ziekte en ontslagbescherming.
Brede steun voor aanpak schijnzelfstandigheid
Het wetsvoorstel komt voort uit afspraken en adviezen rond de aanpak van schijnzelfstandigheid en de positie van kwetsbare werkenden. De behandeling in de Tweede Kamer liet eerder al zien dat brede steun bestaat voor dit onderdeel. Na schriftelijke behandeling is de wet nu ook door de Eerste Kamer aangenomen.
Inwerkingtreding eind 2026
De beoogde inwerkingtreding is eind 2026. De komende periode wordt daarnaast benut om de Zelfstandigenwet verder uit te werken, met als doel deze voor de kerst naar de Raad van State te sturen.
Relevantie voor podia en festivals
Voor podia en festivals is de ontwikkeling relevant omdat in de sector veel met zelfstandigen wordt gewerkt. Het is daarom belangrijk om o.a. tijdig te blijven kijken naar uurtarieven, de feitelijke arbeidsrelatie en de manier waarop opdrachten in de praktijk worden uitgevoerd.