Bron

Fonds Podiumkunsten

Fonds Podiumkunsten trekt voor de nieuwe beleidsperiode lessen uit meerjarige aanvraagronde

10 juli 2026

Het Fonds Podiumkunsten heeft teruggeblikt op de aanvraagronde voor de meerjarige subsidies 2025–2028.

et Fonds erkent dat onderdelen van de aanvraag- en beoordelingsprocedure duidelijker en beter navolgbaar moeten worden. Ook constateert het Fonds dat de druk op het beschikbare subsidiebudget steeds verder toeneemt. In totaal werden voor de periode 2025–2028 376 aanvragen ingediend: 281 voor meerjarige productiesubsidie en 95 voor meerjarige festivalsubsidie. Dat waren 77 aanvragen meer dan in de vorige beleidsperiode. Bij de productiesubsidies kon minder dan de helft van de aanvragen worden gehonoreerd. In eerdere rondes was dat ongeveer driekwart.

Daardoor werden ook organisaties afgewezen die al langere tijd meerjarige subsidie ontvingen. Volgens het Fonds hebben deze besluiten grote gevolgen voor organisaties, makers en publiek en roepen zij bredere vragen op over de inrichting van het subsidiestelsel.

Procedures moeten duidelijker

Het Fonds heeft de regelingen en het adviserings- en besluitvormingsproces geëvalueerd. Daarbij zijn ook reacties uit de sector, bezwaar- en beroepsprocedures en onafhankelijk advies betrokken.

Uit beroepszaken blijkt volgens het Fonds dat de berekeningsmethode en bepaalde onderdelen van de beoordeling niet altijd voldoende kenbaar waren. Ook waren adviesteksten niet op alle punten concreet of inzichtelijk genoeg. Het Fonds wil daarom de criteria, beoordelingswijze en waardering in toekomstige regelingen duidelijker beschrijven. Ook moeten adviesteksten beter aansluiten op de criteria en de ingediende aanvraag.

Toenemende druk op het budget

Het aantal aanvragen bij het Fonds groeit al enkele jaren. Tegelijk probeert het Fonds meer genres, makers en regio’s te bereiken. Die verbreding is volgens het Fonds inhoudelijk gewenst, maar leidt bij een gelijkblijvend budget onvermijdelijk tot meer afwijzingen.

Daarbij staan verschillende beleidsdoelen met elkaar op gespannen voet. Meer geografische spreiding kan ten koste gaan van de continuïteit van bestaande organisaties. Meer ruimte voor nieuwe aanvragers beperkt de ruimte voor langdurige ondersteuning. Ook gaan een groot publieksbereik en investeringen in artistieke ontwikkeling niet altijd vanzelf samen.

Vragen over peer review en het subsidiestelsel

Het Fonds blijft deskundigencommissies en peer review belangrijk vinden. Tegelijk wordt het steeds ingewikkelder om commissieleden te vinden die voldoende kennis van de sector hebben en bij wie geen schijn van belangenverstrengeling of vooringenomenheid bestaat.

Ook kijkt het Fonds opnieuw naar de inzet van interdisciplinaire commissies. Die sluiten aan bij makers en projecten die niet binnen één discipline passen, maar sommige aanvragers missen juist specialistische kennis van hun eigen genre of discipline.

Daarnaast vraagt het Fonds aandacht voor de samenhang tussen de culturele Basisinfrastructuur en de regelingen van het Fonds. Het onderscheid tussen beide is de afgelopen jaren minder duidelijk geworden. Volgens het Fonds is een heldere taakverdeling nodig, evenals een beleidsopdracht die past bij het beschikbare budget.

Voorbereiding op de periode vanaf 2029

Fonds Podiumkunsten werkt de komende tijd verder aan de procedures en werkwijzen voor de nieuwe beleidsperiode. Daarbij worden lessen uit evaluaties, gesprekken, publicaties en rechterlijke uitspraken meegenomen.

Na de zomer organiseert het Fonds bijeenkomsten om informatie uit de sector op te halen en kennis te delen. De uitkomsten worden gebruikt bij de voorbereiding van de regelingen en het beleid vanaf 2029.