Bron

digiPACCT / Platform ACCT

Terugblik: bijeenkomst over inhuur van zzp’ers en schijnzelfstandigheid

17 juni 2026

Schijnzelfstandigheid leeft sterk in de culturele en creatieve sector.

Dat bleek op 16 juni 2026 tijdens een netwerkbijeenkomst over de inhuur van zzp’ers, georganiseerd door digiPACCT en Oog voor Impuls, beide programma’s van Platform ACCT, samen met betrokken brancheorganisaties. Tijdens de bijeenkomst werd de actuele stand van zaken juridisch en fiscaal toegelicht. Ook kwamen twee praktijkvoorbeelden aan bod van organisaties die de overstap hebben gemaakt van zzp-inhuur naar dienstverbanden.

Wanneer is sprake van een arbeidsovereenkomst?

Tijdens de bijeenkomst werd toegelicht wanneer juridisch sprake kan zijn van een arbeidsovereenkomst. Daarbij is niet de naam van het contract doorslaggevend, maar de feitelijke uitvoering van de samenwerking. Als iemand arbeid verricht, daarvoor loon ontvangt en werkt in een verhouding van ondergeschiktheid, kan sprake zijn van een arbeidsovereenkomst.

Bij de beoordeling wegen alle omstandigheden van het geval mee. Daarbij wordt onder meer gekeken naar de aard en duur van het werk, de mate waarin het werk is ingebed in de organisatie, de vrijheid van de werkende en de vraag of iemand daadwerkelijk ondernemersrisico loopt. Contractuele afspraken zijn relevant, maar alleen voor zover zij overeenkomen met de praktijk.

Risico’s bij herkwalificatie

Als een opdracht achteraf toch als arbeidsovereenkomst wordt gezien, kan dat grote gevolgen hebben. Dan kunnen aanspraken ontstaan op onder meer cao-loon, overwerk- en onregelmatigheidsvergoedingen, vakantiedagen, pensioen en loondoorbetaling bij ziekte. Ook pensioenverplichtingen kunnen een belangrijk risico vormen.

Voor organisaties in de culturele en creatieve sector is het daarom belangrijk om niet alleen naar contracten te

Handhaving door de Belastingdienst

Namens de Belastingdienst gaf Edith de Bourgraaf een toelichting op de handhaving. Sinds 1 januari 2025 is het handhavingsmoratorium beëindigd. Voor 2026 geldt nog een gedeeltelijke zachte landing: er worden geen verzuimboetes opgelegd, maar vergrijpboetes blijven wel mogelijk. In beginsel gaat aan een boekenonderzoek eerst een bedrijfsbezoek vooraf.

Belangrijk is dat de Belastingdienst de arbeidsrelatie beoordeelt bij de opdrachtgever. Aan de hand van rekenvoorbeelden werd duidelijk gemaakt dat schijnzelfstandigheid forse financiële gevolgen kan hebben, zowel voor opdrachtgevers als voor opdrachtnemers.

Feiten en fabels over zzp-inhuur

Tijdens de bijeenkomst werden ook verschillende misverstanden besproken. Zo sluit het hebben van meerdere opdrachtgevers, een uurtarief boven een bepaald bedrag of het inschakelen van een intermediair schijnzelfstandigheid niet automatisch uit. Ook duidelijke contractuele afspraken zijn niet doorslaggevend als de feitelijke uitvoering een ander beeld geeft.

Voor artiesten en musici werd stilgestaan bij de specifieke positie binnen de loonheffing, waaronder de artiestenregeling bij kortdurende optredens.

Stappenplan voor organisaties

De Belastingdienst adviseert organisaties om hun zzp-inhuur structureel in beeld te brengen. Daarbij is het belangrijk om te beoordelen of mogelijk sprake is van schijnzelfstandigheid, afwegingen schriftelijk vast te leggen en te zorgen dat de feitelijke praktijk overeenkomt met de gemaakte afspraken. Ook is het verstandig om dit regelmatig te blijven monitoren.

Organisaties die vooraf zekerheid willen, kunnen vooroverleg met de Belastingdienst aanvragen. Meer informatie is beschikbaar via de website van de Belastingdienst, de webmodule beoordeling arbeidsrelatie en hetjuistecontract.nl.

Praktijkvoorbeelden uit de sector

Danstheater AYA en TivoliVredenburg deelden hun ervaringen met het omzetten van zzp-inhuur naar dienstverbanden. Bij Danstheater AYA bleek het belangrijk om de tijd te nemen, gesprekken te blijven voeren en per persoon inzichtelijk te maken wat de overstap betekent. Daarbij ging het niet alleen om het nettobedrag op de bankrekening, maar ook om pensioen, vakantiegeld en bescherming bij ziekte.

TivoliVredenburg liet zien wat een omzetting op grotere schaal vraagt. Een groep productiemedewerkers werd structureel aangestuurd en had weinig vrijheid in de uitvoering van het werk. Daarom is deze groep collectief in dienst genomen. Daarnaast werkt TivoliVredenburg aan een vorm van gedeeld werkgeverschap met andere Utrechtse podia, waarbij medewerkers bij één werkgever in dienst blijven en op vrijwillige basis ook bij andere podia kunnen werken.

Vragen uit de praktijk

In het gesprek met de zaal kwamen veel praktische vragen naar voren. Onderwerpen waren onder meer kleine uurcontracten, studenten, het effect op netto-inkomen, het behoud van gewaardeerde medewerkers en de financiële haalbaarheid van de omslag. Ook werd benoemd dat veel culturele organisaties afhankelijk zijn van projectsubsidies, terwijl vaste formatie en backofficekosten niet altijd voldoende worden gefinancierd.

Vanuit de poppodia werd benadrukt dat afschalen vaak geen eenvoudige optie is, omdat programma’s en producties juist nodig zijn om publieksinkomsten te genereren.

Tegelijk klonk ook het geluid dat werken met zelfstandigen mogelijk blijft, mits de werkrelatie bewust en zorgvuldig wordt ingericht. De kern blijft dat de feitelijke uitvoering moet passen bij de gekozen contractvorm.

Regeling Zekere Zaak

Beide praktijkorganisaties maakten gebruik van de regeling Zekere Zaak van Oog voor Impuls. Deze regeling biedt een startbedrag en een tegemoetkoming in salariskosten bij het omzetten van een opdracht naar een dienstverband. De stimuleringsvergoeding is nog beschikbaar; de afzonderlijke adviesregeling is inmiddels stopgezet.

Bewuste keuzes maken

De bijeenkomst maakte duidelijk dat er geen eenvoudige standaardoplossing is. Wel was de gedeelde lijn helder: neem de tijd, blijf in gesprek, leg keuzes goed vast en zorg dat contract en praktijk met elkaar overeenkomen.

Voor poppodia en festivals blijft dit een belangrijk onderwerp. De sector werkt veel met zelfstandigen, tijdelijke opdrachten, piekbelasting en projectmatige financiering. Juist daarom is het van belang om zorgvuldig te blijven kijken naar de feitelijke arbeidsrelatie en de risico’s niet op het gebied van werk te nemen.